Het Juridisch PAO Leiden biedt meerdere juridische cursussen aan die betrekking hebben op de actualiteiten en wijzigingen binnen het arbeidsrecht

In 2019 heeft het arbeidsrecht te maken met veranderingen die betrekking hebben op meerdere aspecten van het rechtsgebied. Daarnaast komt in 2019 waarschijnlijk uitsluitsel over het wetsvoorstel Wet arbeid in balans (WAB), ingediend door minister Koolmees. Deze wet hersteld de gebreken van de WWZ (Wet Werk en Zekerheid) en introduceert nieuwe (ingrijpende) punten op het gebied van het arbeidsrecht en ontslagrecht. Een hoop dat veranderd. Een hoop nieuwe wetten waarvan de juridische professional op de hoogte dient te zijn. Het volgen van een (specialisatie of actualiteiten-) cursus arbeidsrecht is daarom zeer aan te raden. U kunt gerust contact opnemen om te vragen over de de inhoud van onze arbeidsrecht cursussen.

Wij hebben voor u de belangrijkste veranderingen op een rij gezet.

1. Veranderingen tijd-voor-tijdregeling
Vanaf 2019 geldt een tijd-voor-tijdregeling voor overwerk en/of meerwerk alleen nog maar als dit duidelijk is afgesproken in de toepasselijke CAO. Indien hier geen afspraken over zijn gemaakt geldt de Wet Minimumloon, en ontvangt de werknemer minstens het minimumloon voor zijn overuren en/of meeruren.
De tijd-voor-tijdsafspraken blijven mogelijk als de compensatie in vrije tijd plaatsvindt in dezelfde betaalperiode als waarin is overgewerkt. Ook blijft deze regeling mogelijk als de werknemer door de tijd-voor-tijd afspraken niet onder het minimumloon verdient. Het overwerk en/of meerwerk moet vóór 1 juli van het volgende kalenderjaar zijn gecompenseerd. Als dit niet is gebeurd moeten de overwerkuren alsnog worden uitbetaald.

 2. De maximale transitievergoeding stijgt
De maximale transitievergoeding bij een ontslag wordt elk jaar opnieuw bepaald. Vanaf 1 januari 2019 stijgt deze vergoeding naar €81.000. De criteria voor de toepassing van de overbruggingsregeling zijn vanaf 1 januari 2019 verruimd. Dit maakt het werkgevers gemakkelijker om in aanmerking te komen voor deze regeling. Voor kleine werkgevers wordt de vergoeding gecompenseerd bij ontslag als gevolg van een beëindiging van het bedrijf, pensionering of ziekte. De transitievergoeding kan ook gecompenseerd worden als de werknemer wordt ontslagen na 2 jaar ziekte. Indien werknemers meer dan €81.000 per jaar verdienen hebben recht op een vergoeding van maximaal twaalf keer het maandloon. Indien de overbruggingsregeling geldt worden de inkomsten van de gewerkte jaren voor mei 2013 niet meegerekend in de hoogte van de vergoeding.

In de nieuwe ontslagprocedure (die ook geldt vanaf 1 januari 2019) is een verlies in de drie boekjaren voor de aanvang van de ontslagprocedure niet meer vereist. Bepalend is een gemiddeld negatief resultaat over deze drie boekjaren. Een negatief Eigen Vermogen is niet langer ter sprake. Bepalend wordt dat de waarde van het Eigen Vermogen (van de onderneming) ten hoogste 15 procent was van het totale vermogen in het jaar voorafgaand aan de ontslagprocedure. Deze overbruggingsregeling geldt tot 1 januari 2020.

3. Meer rechten voor personeelsvertegenwoordigers en de personeelsvergadering
Het komt voor dat de personeelsvertegenwoordiging (PVT) en de personeelsvergadering van ondernemingen geen ondernemingsraad hebben, gezien de (kleinschalige) omvang van de onderneming. Vanaf 1 januari 2019 krijgen deze partijen meer rechten toegekend op het gebied van het pensioen, waardoor ze mee kunnen praten over het pensioen. De werkgever moet de PVT verplicht alle informatie die ze nodig hebben tijdens de vergadering verlenen. Ook heeft de PVT nu het recht om het onderwerp ‘pensioen’ op de agenda van een vergadering te plaatsen. De werkgever is daardoor verplicht het hierover te hebben. Een mondelinge informatieverstrekking is genoeg, als de werkgever over schriftelijke informatie beschikt moet hij deze delen.

4. Langer verlof na de bevalling van partner voor echtgeno(o)te of geregistreerde partner
Het Wetsvoorstel Invoering Extra Geboorteverlof (WIEG) is in werking getreden. Vanaf 1 januari 2019 hebben werknemers recht op geboorteverlof in plaats van kraamverlof. Werknemers kunnen daardoor langer verlof opnemen na de bevalling van hun partner. Het geboorteverlof kent een duur van eenmaal de wekelijkse arbeidsduur. De werknemer heeft tijdens dit verlof recht op een volledig loon van de werkgever. Het geboorteverlof kan in de eerste vier weken na de bevalling worden opgenomen.

Per 1 juli 2020 kan de werknemer kiezen zijn geboorteverlof aan te laten vullen met 5 weken van de wekelijkse arbeidsduur (contracturen per week). Het UWV keert in dit geval 70% van het (maximum) dagloon uit. Dit moet in het eerste half jaar van de bevalling

5. Verlening van adoptie- en pleegzorgverlof
Wanneer de rechtbank de adoptie heeft uitgesproken hebben werknemers (de adoptieouders) recht op een verlof van 6 weken en een uitkering tijdens dit verlof. Wanneer werknemers een pleegkind in huis nemen dient het kind ingeschreven te staan op het adres van de pleegouder(s). Ook dan hebben deze werknemers recht op dit verlof en deze uitkering. De uitkering wordt verstrekt door het UWV en is ter hoogte van het maximum dagloon.

6. Werkgever mag de zwangerschapsverklaring niet bewaren
Eerder moest de werkgever 1 jaar lang bij de controle van het UWV een zwangerschapsverklaring kunnen tonen. Deze verklaring mag de werkgever niet meer opnemen in de personeelsadministratie, waardoor deze bewaarplicht verschuift naar de werknemer. Het UWV kan daardoor een controle doen op de werknemer zelf. De werknemer dient de zwangerschapsverklaring te laten zien.

7. De stijging van het wettelijke minimumloon
Vanaf 1 januari 2019 is het wettelijk minimumloon gestegen met 1,34%. Werknemers van 22 jaar en ouder hebben recht op een bruto minimumloon van €1.615,80 per maand, €372,90 per week en €74,58 per dag. Per 1 juli 2019 hebben ook 21-jarigen recht op het wettelijk minimumloon.

8. Stijging van de AOW leeftijd
Vanaf 1 januari 2019 geldt een AOW leeftijd van 66 jaar en vier maanden. Tot 2021 stijgt deze leeftijd door naar 67 jaar.

9. Verplicht jaarlijks gesprek met OR
Voor ondernemingen met meer dan 100 werknemers is het verplicht om elk jaar in gesprek te gaan met de ondernemingsraad over de lonen en beloningsverschillen binnen een onderneming.

10. Wet Zorg en Affectieschade
Als een werknemer overlijdt of ernstig letsel oploopt door een arbeidsongeval, en de werkgever heeft hier schuld aan, ontstaat het recht op immateriële schade. Er moet sprake zijn van overlijden of blijvend letsel waarbij de werknemer 70% van zijn lichamelijke of geestelijke functies verliest. De schade wordt betaald aan de ouders, partner of kinderen van de werknemer (het slachtoffer). De uitkering varieert van €12.500 tot €20.000 euro.

Het is belangrijk op de hoogte te blijven van alle ontwikkelingen en actualiteiten van het arbeidsrecht. Het Juridisch PAO Leiden biedt meerdere arbeidsrecht cursussen aan. Bekijk de cursus online en schrijf u gemakkelijk in.