Visser[Gespot door: redactie Juridisch PAO Leiden | bron: Mr-online]

Interessant stuk van Dirk Visser inzake octrooiwet uit de praktijk: 'De indirecte indirecte indirecte octrooi-inbreuk'

BLOG: De indirecte indirecte indirecte octrooi-inbreuk
Door: prof.mr. D.J.G. Visser, hoogleraar intellectuele eigendom aan de Universiteit Leiden

Als een nieuw medicijn wordt uitgevonden, kan de werkzame stof worden geoctrooieerd. Dan krijgt de octrooihouder een monopolie van twintig jaar op de productie en verkoop van die stof. Dat is het klassieke octrooi. Als de stof al bekend is, maar er wordt een nieuwe manier uitgevonden om die te produceren, kan op die werkwijze een octrooi worden verkregen. Dat was de eerste uitbreiding die een soort indirect octrooi in het leven riep. Als de stof én de werkwijze al bekend zijn, kan worden uitgevonden dat de stof of de werkwijze kan worden gebruikt voor een andere behandeling of een andere ziekte. Op die ‘tweede medische indicatie’ kan octrooi worden verkregen. Dat is de tweede uitbreiding die een soort indirect indirect octrooi in het leven riep.

De octrooiwet bepaalt verder dat geneeskundige behandelingen niet kunnen worden geoctrooieerd, maar dat stoffen voor de toepassing van deze methoden weer wél kunnen worden geoctrooieerd. Een tijd lang werd hierbij gebruik gemaakt van een zogenoemde Swiss Type claim: “gebruik van stof x voor het vervaardigen van een geneesmiddel voor de behandeling van aandoening y”.
Op een dergelijk octrooi kan direct, maar ook indirect inbreuk worden gemaakt. Artikel 73 Rijksoctrooiwet verbiedt het leveren van middelen betreffende een wezenlijk bestanddeel van de uitvinding aan iemand anders voor de toepassing van de geoctrooieerde uitvinding, wanneer men “weet dan wel het gezien de omstandigheden duidelijk is, dat die middelen voor die toepassing geschikt en bestemd zijn”.

Als iemand een stof produceert die vrij is van octrooi maar (per definitie) een wezenlijk bestanddeel is van de uitvinding op de tweede medische indicatie van die stof, en die stof levert aan een derde die op zijn beurt die stof voor die tweede medische toepassing gaat gebruiken, kan sprake zijn van een indirecte octrooi-inbreuk door die producent. Dat besliste de Hoge Raad op 3 november 2017 (ECLI:NL:HR:2017:2807). Lees hier verder op Mr-online.

AANSLUITENDE KENNISTIPS INZAKE INTELLECTUELE EIGENDOM
Prof.mr. D.J.G. Visser, hoogleraar intellectuele eigendom aan de Universiteit Leiden is een van de topdocenten verbonden aan het Leids Juridisch PAO. Bekijk hier het actuele cursusaanbod Intellectueel Eigendom exclusief voor juridische professionals.