Maandag 23 oktober 2017, te Leiden

Tijdens de opleiding wordt ingezoomd op de regels, fundamentele beginselen en uitgangspunten van het Nederlandse appel– en cassatieprocesrecht en de cassatietechniek.

ORDE PO 6    Schrijfunuin Button 

Toelichting

1.        

De opleiding is ontworpen met het oog op het examen en de proeve van bekwaamheid als bedoeld in de toenmalige Verordening vakbekwaamheidseisen civiele cassatieadvocatuur. De verordening vindt zijn oorsprong in de Wet versterking cassatierechtspraak:

“Deze wet is erop gericht de Hoge Raad in staat te stellen zich als cassatierechter te concentreren op zijn kerntaken. Een adequate uitvoering van deze kerntaken staat onder druk door het instellen van cassatieberoep in zaken die zich niet lenen voor een beoordeling in cassatie, en doordat sommige kwesties waarin een uitspraak van de Hoge Raad wenselijk is, de Hoge Raad niet of niet tijdig bereiken. Met het stellen van kwaliteitseisen aan advocaten wordt beoogd dat bij beroepen in cassatie kwalitatief deugdelijke schrifturen worden ingediend. De Hoge Raad kan zijn kerntaken immers pas dan optimaal vervullen als hem cassatiemiddelen worden voorgelegd die aan de eisen voldoen en vragen van rechtseenheid, rechtsontwikkeling en rechtsbescherming aan de orde stellen. Een kwalitatief goede cassatieadvocatuur draagt daarmee bij aan de versterking van de cassatierechtspraak.”

De opleiding beoogt een bijdrage te leveren aan kwaliteit van de cassatieadvocatuur door advocaten voor te bereiden op het examen als bedoeld in de Verordening op de advocatuur en hun vaardigheden te vergroten met het oog op de proeve als bedoeld in die verordening.

2.         Kader

Artikel 4.11 Verordening op de advocatuur bepaalt dat een advocaat op zijn verzoek een verklaring verkrijgt van de algemene raad waarmee hij de voorwaardelijke aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ in burgerlijke zaken kan aanvragen, indien hij:

  1. in de twaalf maanden voorafgaand aan het verzoek ten minste tien opleidingspunten heeft behaald op terreinen die leiden tot verdieping van zijn kennis van het burgerlijk recht, het burgerlijk procesrecht en de beheersing van de cassatietechniek; en
  2. met goed gevolg een mondeling examen aflegt, waardoor blijkt dat hij voldoende kennis heeft van de beginselen, uitgangspunten en regels van het burgerlijk procesrecht, in het bijzonder het appel- en cassatieprocesrecht, alsmede van onderdelen van het privaatrecht op een voor de praktijk van de advocaat relevant rechtsgebied.

De examenstof, opgenomen in artikel 21 van de Regeling op de advocatuur, bestaat uit de volgende onderdelen:

a) de laatste druk van:

  • Asser Procesrecht/Bakels, Hammerstein & Wesseling-van Gent 4, Kluwer Deventer;

Asser Procesrecht/Veegens-Korthals Altes-Groen 7(met uitzondering van hoofdstuk I dat volgens advocatenorde.nl niet tot de examenstof behoort).

b) jurisprudentie (geldend op 28 oktober 2016):

  • HR 12 juli 2013, NJ 2014, 520 m.nt. J.B.M. Vranken

  • HR 17 januari 2014, NJ 2014/236 m.nt. Tjong Tjin Tai

  • HR 20 juni 2014, NJ 2014/335

  • HR 12 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3593

  • een in de NJ gepubliceerde uitspraak van de Hoge Raad naar eigen keuze, representatief voor de eigen praktijk

c) administratieve en financiële aspecten van de cassatiepraktijk, in het bijzonder betreffende griffierechten en toevoegingszaken.

Volgens artikel 4.13 van de Verordening verkrijgt een advocaat met de voorwaardelijke aantekening op zijn verzoek een verklaring van de algemene raad waarmee hij de onvoorwaardelijke aantekening "advocaat bij de Hoge Raad" in burgerlijke zaken kan aanvragen, indien hij onder meer met goed gevolg een proeve van bekwaamheid aflegt, waardoor blijkt dat hij beschikt over de kennis en bekwaamheid om zelfstandig naar behoren cassatieadviezen, cassatiemiddelen en cassatieverweren op te stellen. De proeve van bekwaamheid omvat een inhoudelijke beoordeling van door de advocaat opgestelde cassatiestukken in twee dossiers. Bij de mondelinge bespreking van de dossiers zal de theoretische kennis van het appel- en cassatieprocesrecht aan worden betrokken alsmede de wettelijke vereisten waaraan de stukken moeten voldoen. Cassatieadviezen moeten voldoen aan het gestelde in artikel 7.6 van de Verordening:

De advocaat bij de Hoge Raad adviseert de cliënt of, indien van toepassing, de advocaat die opdrachtgever is, tijdig en schriftelijk over:

  1. de kansen van een principaal of incidenteel cassatieberoep dan wel -verweer;

  2. de aan dat cassatieberoep dan wel -verweer verbonden kosten en risico's;

  3. de opportuniteit van het cassatieberoep dan wel -verweer, gelet op de te verwachten rechtsgang na vernietiging en eventuele verwijzing of terugwijzing.

 3.           Inhoud en omvang opleiding

De opleiding zoomt in op de regels, beginselen en uitgangspunten van het Nederlandse appel- en cassatieprocesrecht en de cassatietechniek. De cursist dient in staat te zijn hierover aan de hand van voorgeschreven arresten van de Hoge Raad op het terrein van het algemene vermogensrecht van gedachten te wisselen. Gelet op de achtergrond van de Wet versterking cassatierechtspraak zal in het bijzonder worden gelet op de kennis van de inrichting van het cassatiemiddel, mede het oog op de beoordeling van de kans van slagen van een cassatiemiddel.

In de eerste jaargangen van de cursus is ingezoomd op de overdracht van kennis van appel- en cassatieprocesrecht en enkele specifieke materieelrechtelijke onderwerpen. Deze focus was ingegeven door het verwachte aantal examenkandidaten voor de voorwaardelijke aantekening. Thans is er aanleiding in te zoomen op het verwerven en onderhouden van cassatietechnieken. De nadruk zal liggen op het arresten lezen, het schrijven van adviezen, middelen en toelichting. Tijdens de opleiding wordt geoefend, met toegang tot juridische bronnen. Docenten geven feedback.

Het cursusmateriaal bestaat uit de beide (hierboven onder punt 2. bij examenstof) in de Regeling genoemde Asserdelen (verondersteld wordt dat u hiervan kennis heeft genomen/zelf heeft aangeschaft) en een aantal voorgeschreven arresten. 

De opleiding zal bestaan uit

  • drie blokken cassatietechniek, elk blok bestaat uit twee delen.

  • een vierde blok in de vorm van een masterclass.